terug

sprookjesbloem  Een sprookje

   Vertel mij een sprookje - fluistert zij.

   Ik schrijf het uit, mijn liefste.

   Jij, ,jij vrijt met je klavier, doe de kraan dicht,
   wees lief en begeer mij.

   Uit verre gebieden haal ik dan fragmenten
   voor onze liefde,
   ik stapel ze op en werp ze omver
   maar elke geur blijft als een herinnering.

   Ik  denk  toch dat ik op je huid
   een stilleven ga schilderen,
   dat zou elke minnaar moeten kunnen.

 

Ik wil je niet verliezen.
Ik wil weten hoe het is.
Ik wil je twijfels kennen en je angsten
je dromen en je zwakheid.

Maar dat is dwaasheid.
Jij ontleed mijn dromen en
mijn emoties als een chirurg.

Och liefste wees niet bevreesd,
mijn penis is mijn scalpel,
mijn illusies mijn narcoticum,
mijn teksten mijn helende kracht.

 

En dat stilleven ? komt er nog wat van ? - vraagt ze.

In de schemering vinden we dan vage spiegelbeelden

en een ander heelal word geboren.
Mijn adem paart met jouw adem.
Ik vul je in jouw holten,
rond me af in jouw contouren.
Ben ik dan nog mezelf
of slechts een steendruk?

Je mag mij proeven, ik wil jou proeven,
je mag mij smaken, ik wil jou smaken,
je mag mij kleuren, ik wil jou kleuren,
je mag mij vormen en ik wil jou vormen,
maar nooit mag je jezelf in mij verliezen
en nooit wil ik mij in jou verliezen.
Je moet mij omhullen zoals ik jou wil omhullen
even goed als mij eigen huid.

Ik zal dan nieuwe kleuren voor jou uitvinden,
en mijn palet zal iedereen verbazen.